Landbouwgrond is geen openbare weg

 
Printervriendelijke versie

Een autohandelaar kan een voertuig uit zijn handelsvoorraad alleen op de openbare weg stallen als het is voorzien van een handelaarskenteken. Is dat niet het geval, dan volgt bij constatering een naheffing motorrijtuigenbelasting. Maar wat is een openbare weg? Volgens Hof Den Bosch valt een stuk landbouwgrond daar niet onder.

Een auto was in de periode 3 september 2015 tot en met 13 februari 2017 opgenomen in de bedrijfsvoorraad van een handelaar. Op 9 februari 2017 is geconstateerd dat de auto zonder handelaarskenteken geparkeerd stond op een stuk grond dat is gelegen naast de openbare weg tegenover het bedrijfsterrein van de handelaar. De inspecteur legt daarom een naheffingsaanslag op van € 424 en een verzuimboete van 100%.

De handelaar betoogt bij het hof dat het stuk grond waar de auto op stond geparkeerd niet is aan te merken als een openbare weg dan wel als berm en dat de verzuimboete moet worden vernietigd omdat hem geen schuld treft.

Het hof overweegt dat op grond van de Wet MRB onder weg moet worden verstaan: elke voor het openbaar rijverkeer of ander verkeer openstaande weg en elk zodanig pad, de in de weg of op het pad liggende bruggen en duikers alsmede de tot de weg behorende paden en bermen of zijkanten. Aan de hand van overgelegde foto’s en google maps komt het hof tot het oordeel dat de auto stond geparkeerd op een stuk landbouwgrond en dat er geen sprake is van een pad. Ook kan het worden aangemerkt als een berm. Uit een arrest Hoge Raad 22 november 1978 volgt namelijk dat wanneer een voor het openbaar rijverkeer openstaande weg wordt begrensd door een sloot, dat dan als berm of zijkant van de weg moet worden aangemerkt de grond gelegen tussen die weg en de rand van de sloot. Daar is in dit geval geen sprake: er was een greppel en een doorgang naar een stuk landbouwgrond. Uit de foto’s blijkt dat de auto op de doorgang stond aan de overkant van de denkbeeldig doorgetrokken greppel. Ook is er geen sprake van een stuk grond dat voor openbaar verkeer openstaat, zoals bijvoorbeeld een stuk braakliggend terrein dat door autohandelaren wordt gebruikt voor het plaatsen van voertuigen of door bezoekers van bijvoorbeeld een stadion als parkeerterrein. De naheffingsaanslag en de boetebeschikking worden dan ook door het hof vernietigd.

Bron: Hof Den Bosch 19-09-2019 (publ. 19-11-2019)